Nep DDR5-geheugen: tips om vervalsingen te herkennen

Danny Weber

Nep DDR5-geheugen rukt op door hoge prijzen. Lees hoe je vervalste modules herkent en waar je op moet letten bij aankoop. Bescherm je tegen oplichting.

De pc-markt krijgt te maken met een toenemend probleem nu de geheugenprijzen blijven stijgen: vervalste DDR5-modules. Volgens ingewijden komt nepgeheugen steeds vaker voor bij Aziatische verkopers, zowel online als in fysieke winkels.

Van buiten lijken deze modules misschien op echte producten van topmerken, maar vanbinnen zitten er vaak neppe DRAM-chips, plastic onderdelen in plaats van werkende componenten en zelfs incompatibele stroomcircuits.

In Japan werd een geval gemeld waarbij een gebruiker een 16 GB DDR5 SO-DIMM-module met een Samsung-label kocht. Bij inspectie bleek het geheugen volledig nep: de contactpunten zagen er anders uit, de printplaat had vreemde afrondingen en de geheugenchips waren van SK Hynix, ondanks de Samsung-sticker.

Ervaren gebruikers zien deze signalen wellicht, maar voor de gemiddelde koper is het veel lastiger om nepgeheugen te herkennen. Dat geldt vooral bij desktopmodules met koelblokken die de chips verbergen. Soms is de enige manier om een vervalsing te ontdekken de module uit elkaar halen of het systeem proberen op te starten.

Deze modules worden al op diverse platformen aangeboden. In één advertentie gaf de verkoper expliciet aan dat het product defect was en niet gegarandeerd werkte, en dat terugbetaling niet mogelijk was.

Volgens experts zien we steeds vaker dergelijke zwendel op de componentenmarkt. Eerder verschenen al nep-grafische kaarten en Ryzen-processoren, en nu richten oplichters zich op RAM. Door schaarste en hoge prijzen gebruiken ze geredde printplaten, kapotte onderdelen en neplabels, en verkopen die als volledig werkende producten.

Kopers wordt aangeraden om verkopers goed te controleren, recensies te lezen en wantrouwig te zijn bij aanbiedingen die te mooi lijken om waar te zijn, vooral bij de aankoop van geheugen en andere pc-onderdelen.

© A. Krivonosov