Xiaomi-president Lu Weibing heeft gewaarschuwd dat sommige Chinese vlaggenschip-smartphones in de tweede helft van 2026 de 10.000 yuan (ongeveer $1.470) kunnen overschrijden. Hij wees erop dat zelfs traditionele plaatstelefoons zonder vouwontwerp richting een prijspunt gaan dat tot voor kort te hoog leek voor de Chinese massamarkt.
De belangrijkste oorzaak, aldus Lu, zijn stijgende geheugenkosten. De prijzen voor DRAM en NAND zijn flink gestegen, waardoor het voor smartphonefabrikanten lastiger wordt om deze kosten te absorberen zonder ze door te berekenen aan klanten. Xiaomi is al bezig met prijsbesprekingen voor toekomstige modellen, want componentenprijzen blijven volatiel en kunnen tot aan de lancering wijzigen.
Het probleem wordt nog groter doordat het snel opschroeven van de geheugenproductie niet mogelijk is. Een nieuwe fabriek bouwen duurt jaren, terwijl de vraag blijft toenemen dankzij AI-servers, datacenters en high-performance computing. Lu Weibing verwacht dat de druk op de geheugenmarkt minstens tot 2028 aanhoudt, en niet alleen tot 2027.
Daardoor wordt de aanstaande Xiaomi 17 Max nog interessanter. Het toestel moet in mei op de markt komen en wordt het vlaggenschip van het bedrijf. Volgens berichten krijgt het een 6,9-inch scherm, een Snapdragon 8 Elite Gen 5, een 200-megapixel Leica-camera en een 8000 mAh-accu. Al die hardware jaagt de prijs uiteraard op, en stijgende geheugenkosten kunnen die nog verder verhogen.
Xiaomi staat niet alleen. OPPO, vivo en Honor kampen met dezelfde tegenwind. Als de grens van 10.000 yuan de nieuwe norm wordt voor high-end telefoons, betekent dat een grote verschuiving voor een markt waar agressieve prijzen en sterke specificaties lang het handelsmerk van lokale merken zijn geweest.