USB-poorten lijken vaak vrijwel hetzelfde, maar het verschil tussen USB 2.0 en USB 3.0 kan groot zijn. Een muis of toetsenbord werkt prima op beide standaarden, terwijl een externe SSD, snelle USB-stick, capturekaart of 4K-webcam flink kan worden afgeremd door een oudere poort.
USB 2.0 en USB 3.0 herkennen
Het kunststof deel in een USB 2.0 Type-A-poort is vaak zwart of wit, terwijl USB 3.0 meestal blauw is. Kleur is slechts een aanwijzing. Het SS-logo van SuperSpeed of de productspecificaties zijn betrouwbaarder.
Het grootste verschil is snelheid
USB 2.0 heeft een theoretische limiet van 480 Mbit/s, met in de praktijk vaak 20–40 MB/s. USB 3.0 haalt 5 Gbit/s en een snelle externe schijf kan enkele honderden megabytes per seconde overzetten. Ook schijf, controller, kabel en bestandstype spelen mee.
Bij video’s, foto’s, back-ups en games is het verschil duidelijk. Externe SSD’s, snelle sticks en opslagdocks horen daarom op USB 3.0 of nieuwer.
Meer bandbreedte
4K-webcams, capturekaarten, audio-interfaces en externe opslag verwerken veel data. Een trage poort kan beeldkwaliteit, framerate of reactiesnelheid beperken. USB 3.0 biedt meer ruimte.
Ook het vermogen verschilt
In de standaardmodus levert USB 2.0 maximaal 2,5 W en USB 3.0 maximaal 4,5 W. Laadpoorten en USB Power Delivery kunnen meer leveren. Bij uitval kan een andere poort helpen, maar ook kabel, hub of apparaat kan de oorzaak zijn.
Waarom USB 2.0 nog steeds bestaat
Muizen, toetsenborden, printers en draadloze ontvangers versturen weinig data. USB 2.0 is daarvoor goedkoop en voldoende, zodat snelle poorten vrij blijven voor opslag en video.
Compatibiliteit werkt beide kanten op
Een USB 2.0-apparaat werkt in USB 3.0, maar wordt niet sneller. Een USB 3.0-apparaat werkt meestal ook in USB 2.0, maar blijft dan beperkt tot de oudere snelheid.
Conclusie
Sluit apparaten met veel dataverkeer aan op USB 3.0 of nieuwer. USB 2.0 is voldoende voor eenvoudige randapparatuur en bediening.